Hoewel de wilde en krankzinnige improvisatie van de free-jazzmaestro’s boeiender is, is het voor velen ook ontmoedigend. Maar Elegy, in tegenstelling tot de afwijzing van free jazz door de slecht geïnformeerde, zou nooit terzijde kunnen worden geschoven als louter ruis. Daarom heeft Aeon Trio een plaat gemaakt die de luisteraar binnen lokt met een wenkende vinger, in plaats van er een bij de revers te pakken en te schudden voor z’n aandacht. Een elegie zonder woorden. Maar door de menselijke kwaliteiten van het spel van deze meesters komen beelden en inderdaad ook woorden door je gedachten. Zonder de subtiliteiten van een krachtige beat, aanstekelijke hooks of songteksten, is het debuutalbum van Æon Trio opmerkelijk adembenemend in zijn klasse.

James FlemingHiFi Pig

De muziek van Aeon Trio hangt subtiel samen door middel van een glanzende zilveren draad, ebt weg en stroomt uit de luidsprekers als kabbelend water …

Spelend met een fijngevoeligheid en subtiliteit die zeldzaam is in een tijdperk van het “in your face”, snelle rapteksten en de dikke heavy metal riffs, hebben Maya Fridman, Atzko Kohashi en Frans van der Hoeven stukken en arrangementen van klassiekers gemaakt voor een niet gespecificeerde Elegie.

‘Elegy’ is echter meer een beschrijving van de algehele emotionele kwaliteit van deze stukken, dan een exacte definitie.

Pijnlijke kleuren van berustende droefheid, vervaagde grijstinten en gebroken wit; dit zijn de kleuren van Elegy. Die berusting slaat niet op het verdriet, maar meer op een besef dat dit is zoals de dingen zijn. Nu en voor altijd.

Atzko’s zachte dissonante jazzakkoorden voegen plagende hints van een diepere duisternis toe aan Maya’s rouwende gestreken cellolijnen op Lamento. Terwijl op Blues For Maya Frans’ contrabaslijnen het stuk de steunpoten geeft om op verder te bouwen. Qua muzikanten bestaat dit trio niet alleen uit virtuozen. Ze zijn onberispelijk.

Net als de beste spelers, begrijpen Fridman, Kohashi en Van Der Hoeven het belang van ademruimte. Ze houden elk de partijen van hun eigen instrument voldoende spaarzaam om de anderen de ruimte te geven om te bewegen. Het eindresultaat is 13 stukken met perfect complementaire en toch contrastrijke instrumentlijnen.

Hoewel het tempo van het album opmerkelijk ingetogen is, vooral merkbaar bij de Trio’s vertolking van Lonely Woman van Ornette Coleman, zou je het punt van Elegy missen als je het bekritiseerd vanwege zijn consequente milde tempo.

Hoewel de wilde en krankzinnige improvisatie van de free-jazzmaestro’s boeiender is, is het voor velen ook ontmoedigend.

Maar Elegy, in tegenstelling tot de afwijzing van free jazz door de slecht geïnformeerde, zou nooit terzijde kunnen worden geschoven als louter ruis.

Daarom heeft Aeon Trio een plaat gemaakt die de luisteraar binnen lokt met een wenkende vinger, in plaats van er een bij de revers te pakken en te schudden voor z’n aandacht.

Een elegie zonder woorden. Maar door de menselijke kwaliteiten van het spel van deze meesters komen beelden en inderdaad ook woorden door je gedachten. Zonder de subtiliteiten van een krachtige beat, aanstekelijke hooks of songteksten, is het debuutalbum van Æon Trio opmerkelijk adembenemend in zijn klasse.

… en de muziek stroomt verder, terwijl de rimpelingen zich langzaam naar de kustlijn banen. Laten we hopen dat iemand aan het opletten is.